Roofridderspad

De naam ‘Roofridderspad’ verwij st naar de legende van de stichting van de Sint-Pieter- en Paulusabdij van Affl igem. Het verhaal wil dat monnik Wedericus van de Gentse Sint-Pietersabdij zes roofridders bekeerde die zich in 1062 in Affligem vestigden.

De wandeling leidt je door de Koudenbergbeekvallei, een gemeentelij k natuurontwikkelingsgebied waar de natuur alle kansen krijgt. Dankzij de gevarieerde ondergrond, droog en nat, zandleem en klei vind je hier heel zeldzame natuur op een historisch bij zondere plek.

Kenmerken
Vertrek en aankomst: parking aan de abdij toren, Abdij straat 6
Lengte 6,2 km
Wegen 2,8 km verharde weg 3,4 km onverharde weg
Type: Niet geschikt voor buggy’s en rolstoelen.
Thema´s. Naturr, Erfgoed, Bewegwijzerd, Soms drassig

Knooppunten : 1 – 100 – 16 – 15 – 14 – 13 – 1

Je vertrekt van de parking aan de abdij en stapt links langs de Abdij straat (volg 100), tot het kruispunt met de Lange- straat. Die steek je schuins over naar de Bleregemstraat (de straat naast de begrafenis ondernemer).

Die volg je een paar honderd meter tot je links, naast huisnummer 124, de ietwat verdoken Zwijnweg instapt. (Vanaf het einde van de veldweg kan je vanaf nu de plaatjes van het Roofridderspad volgen of de knooppuntaanduidingen van de Brabantse Kouters).

Je neemt rechts (volg 100) en dan onmiddellij k links; je wandelt door een gebied dat door de gemeente aangekocht werd en waar zonevreemde struiken en bomen stelselmatig vervangen worden door inheemse exemplaren.

Via twee hekjes kruis je een weide (denk eraan deze hekjes na je doortocht goed te sluiten zodat de koeien niet kunnen ontsnappen!) Je komt opnieuw op de bredere weg waar je links neemt tot je aan het infobord komt aan de Veldekenslos (knooppunt 100, volg16).

Hier ga je rechtdoor. Let op de prachtige rij wilgen die de weide afbakenen. Wilgen groeien liefst op drassige gronden; ze groeien makkelij k en snel en zij n goede houtleveranciers omdat ze om de drie tot vier jaar moeten geknot worden.

Je moet verderop opnieuw door twee hekjes, stapt door een weide en volgt het smalle paadje tussen twee weideafsluitingen. Aan het einde en vlak voor je het bos instapt zie je de zwarte populier.

Je stapt door dit bos waar je rond midden april heel wat boshyacinten kan bewonderen. Als je het bos verlaat kom je aan Karel’s hoekje. Voor de (uitgegraven poel) kan je even uitrusten op één van de twee massieve banken. Je verlaat deze plek via het paadje in de linkerhoek (als je met de rug naar de poel staat), aan het eind ervan ga je links.

Van hieruit, op de Schaapschuurlos, heb je een prachtig zicht over de vallei van de Koudenbergbeek. Het is hier dat het Hof te Cauwenbergh zou gestaan hebben. Voor je het bos induikt, kan je even rechtdoor tot de brug over de Koudenbergbeek; je merkt hier links heel duidelij k de diepe sleuven als gevolg van de zandsteenwinning.

Je moet nu wel op je stappen terugkeren en rechts het bospad instappen. Je volgt de slingerende beek, over het brugje, daarna bergop tot de trapjes je naar de Broekstraat leiden. Je volgt die links en neemt het smalle paadje rechts (Broekstraatweg) dat je naar de Domentveldstraat leidt die je links instapt, niet ver want even verder neem je opnieuw links de Domentweg (knooppunt 16, volg 15).

Die volg je tot de Domentstraat die je links instapt tot je even verder links de Broekstraat neemt. Naar het eindje van dat straatje kan je rechts de Koeweidelos nemen (naast huisnummer 63), die we volgen tot je rechts het vlonderpad door de Koeyvij ver kan opstappen (knooppunt15, volg 14).

Aan het einde ervan kom je via een klein trapje op de dam die eeuwen geleden gebouwd werd om de vijver in te dammen. Je komt terug op de Koeweidelos; hier kan je rechts het nieuw aangelegde hopveld zien; even verder passeer je de veldkapel.

Je volgt links de Domentstraat en op de driesprong stap je rechtdoor de Nievelveldstraat (knooppunt 14, volg 13) in die je volgt tot je links de Affl igemdreef kan instappen (knooppunt 13, volg 1) die je weer naar ons vertrekpunt aan de abdij toren brengt.